| |
|
10 Tips
- Bedenk dat als u de pil slikt u nog steeds besmet kan worden met seksueel overdraagbare
aandoeningen (SOA) of het HIV virus (AIDS). Gebruik zonodig een condoom.
- Start de pil op de eerste dag van de menstruatie.
- Neem de pil zoveel mogelijk op een vast tijdstip in. Een paar uur verschil is niet erg.
- Vooral in het begin van het gebruik kunt u last hebben van bepaalde bijwerkingen!
Meestal verdwijnen deze of verminderen sterk in enkele maanden.
Hierbij moet u denken aan gevoelens van onwel zijn, misselijkheid, humeurigheid, hoofdpijn of een toename van uw gewicht.
Ook kan u last hebben van gevoelige of gespannen borsten of doet zich soms onverwacht een (meestal geringe) bloeding voor.
Als deze klachten aanhouden meldt deze per e-mail of ga naar de huisarts.
- Lees de bijsluiter goed en staak het gebruik onmiddelijk als blijkt dat deze pil niet voor u geschikt is. Staak het gebruik
óók onmiddellijk indien sprake is van: geelzucht, ernstige verhoging van de bloeddruk, zwangerschap, ongewoon hevige hoofdpijn,
ongewone pijn in of zwellingen van benen of armen, stekende pijn met de ademhaling, pijn of benauwdheid op de borst.
Meld deze klachten (per e-mail) en ga direct naar de huisarts.
- Een tussentijds bloedverlies wijst niet op een verminderde betrouwbaarheid. (Tenzij u de pil vergeten bent in te nemen!).
- Tussen twee pillen mag nooit meer dan 36 uur zitten.
- De pil is soms minder betrouwbaarheid bij het gelijktijdig gebruik van andere geneesmiddelen zoals antibiotica.
Kijk op de bijsluiter of daarvan sprake is.
- Maak bij veel klachten of vragen een afspraak voor het spreekuur of ga naar de huisarts.
- Laat eens een keer uw bloeddruk meten.
|
|